Volcanoes National Park – deel twee

Vandaag was de laatste volle dag hier op Big Island. We wilden nog graag een keer terug naar Volcanoes National Park, omdat we daar lang niet alles hadden gezien de vorige keer. We sliepen een beetje uit en haalden ons ontbijt op om onderweg op te eten. Ook nog even tanken, want dat rijden in de bergen vraagt wel wat benzine en de tank van de auto is niet zo groot. Daarna was het ruim een half uur rijden naar het park. We namen nu de Chain of Craters Road, die zoals de naam al doet vermoeden, langs diverse vulkaankraters gaat. De weg is zo’n 19 mile lang en om de zoveel mile is er wel een uitkijkpunt of een korte (of lange) hike te doen. We besloten eerst de interessante stops aan de rechterkant van de weg te doen. Na 19 mile moet je namelijk omkeren om via dezelfde weg weer bij de uitgang te komen. En op de terugweg deden we de stops aan de andere kant van de weg.

De eerste stop was een kleine wandeling van 1,5 kilometer (heen en terug) naar ‘Devastation’. Dat is het gebied rondom een vulkaan die in de jaren vijftig 600 meter hoge lava omhoog spoot en die waarvan een deel van de lava terecht kwam in een andere krater, waarvan de bodem diegene was die Gert en Maarten de vorige keer bewandeld hadden.

Daarna volgen nog vele uitstapjes naar kraters en uitzichtpunten, allemaal met erg moeilijke Hawaiiaanse namen, zoals: Kealakomo, Luamanu en Maunaulu.

Langzamerhand kwamen we dichter bij de kust, maar eerst deden we nog de 1,5 kilometer trail van Pu’uloa die naar een veld met petrogliefen leidt. Het was een leuke wandeling over allemaal lavastenen en uiteindelijk de petrogliefen als beloning. Het waren minder tekeningen van dieren en mensen, zoals de petrogliefen op de vorige plek, maar vooral veel rondjes uitgehakt in de stenen. Volgens het oud Hawaiiaans geloof moest je de navelstreng van een kind daarin stoppen en een steen erop leggen, zodat het kind een lang en voorspoedig leven zou hebben.

Het uiterste puntje van de rit was een uitzicht op de zee met als je de kant van de bergen op keek ook een goed idee van hoe de lavastromen in het verleden richting het water hebben gelopen. Er was aardig was hoogteverschil, dus op de terugweg moest de auto weer wat toeren maken. Op de terugweg deden we nog een paar andere stops aan, maar langzamerhand begon het harder te regenen.

We deden nog een snelle tour van de tentoonstelling bij het visitor center en toen gingen we weer terug naar ons hotel. We pakten alvast een deel van de koffers in, zodat we morgenochtend niet alles hoeven te doen. Om 11 uur is het uitchecken, dus dan kunnen we het op ons gemak doen. Nu is het net zeven uur geweest en beginnen we trek te krijgen. We gaan nog een keertje kijken bij de Japanner, want dat smaakte erg goed eerder deze week. Morgen weer een reisdag, terug naar het eiland O’ahu en naar Honolulu waar we nog kort zullen zijn voordat we weer naar huis vliegen.

Watervallen en grotten

Omdat het gisteren laat was geworden, sliepen we vandaag een beetje uit. Toen hij wakker was ging Maarten aan de slag met zijn foto’s om te kijken wat de resultaten waren. Wij vinden ze prachtig, de resultaten worden keer op keer mooier naar mate Maarten meer oefening in de vingers heeft. 

Nadat we allemaal gereed waren, zochten we een plekje voor een laat ontbijt en dat werd de dichtstbijzijnde Starbucks. Met warme broodjes en een goede bak koffie op, konden we er weer tegenaan. We hadden besloten om vanavond nog een laatste keer de bergop te gaan voor een fotosessie. We zijn hier nu eenmaal en dit is een unieke gelegenheid voor astrofotografie. Daarom planden we voor de middag een paar verschillende kleinere ‘attracties’ dichter in de buurt en niet een hele rit weer naar het Volcanoes National Park. Dat komt morgen wel. Eerste stop waren de Rainbow Falls, hele mooie watervallen waar soms mooie regenbogen te zien zijn. Dit keer niet, maar desondanks was het een hele mooie waterval, waarbij je een stukje omhoog kon wandelen. 

Tweede stop waren de Kaumana Caves. Langs de weg was een kleine parkeerplaats en aan de overkant een steile trap naar beneden. Het was geen aangeharkte of geasfalteerde attractie, dus de grotten in (weer lavagrotten) was een klim over schots en scheve lavastenen. Met de zaklampen aan op de iPhones vonden we onze weg naar beneden en stonden we boven en onder, links en rechts tussen lava. Gert en Maarten gingen diep de gang in terwijl Lydia allemaal dichterbij bestudeerde. De verschillende stromen waren duidelijk te zien. Er waren twee grotten en die bekeken we allebei. 

Laatste stop was de ….. watervallen. Ook dit is geen commerciële hoofdattractie van het eiland, maar wel prachtig om te zien. Langs de weg zagen we al de watervallen in de verte, maar er bleek ook nog een pad te zijn tot voorbij waar het water naar beneden kwam. Het was een jungle-achting pad over stenen en boomstronken langs hoge planten en bomen. Maar aan het eind was er de beloning: een prachtig uitzicht over het vallende water. 

Vervolgens was het tijd om weer terug te gaan naar het hotel voor een hapje eten en het inpakken van de fotospullen. We kleedden ons warm aan, want het zou maar 7 graden zijn op de berg. De rit ging voorspoedig maar toen we boven aankwamen was het een beetje bewolkt. O jee, dachten we – we zijn voor niets gekomen. Maar we wachten even en toen bleek het conform de weersverwachting helder te worden. Maarten zette zijn boel weer op en ging aan de slag. We zullen morgen de resultaten wel weer zien.

Volcanoes National Park

Vandaag stond een bijzonder park op onze planning: Volcanoes National Park. Alle eilanden van Hawai’i zijn door vulkanen gevormd en op Big Island is dit het duidelijkst. Er zagen aan de andere kant van het eiland al grote lavavelden, maar het National Park is een groot gebied waar er nog recente vulkaanuitbarstingen zijn geweest. Natuurlijk wordt alle activiteit strikt gemonitord, zodat bezoekers alleen in veilige gebieden kunnen komen. 

Voor vandaag was het plan om een deel van het park te doen en dan weer op tijd naar onze kamer, om daar dan de spullen te pakken en nog een keer de Mauna Kea berg op te gaan voor Maarten’s astrofotografie. 

Het park was iets meer dan een half uurtje rijden en nadat we de toegangspoort hadden gepasseerd gingen we eerst naar het visitor center om een plan te maken wat we wilden gaan zien en doen. We besloten voor vandaag de Crater Rim Drive te doen die onder andere langs de grote Kilauea vulkaan loopt. We starten vanaf het visitor center eerst met een wandeling naar de Sulphur Banks, een vlakte waar sulphur gassen uit de grond komen. Een grappig gezicht, en een vieze, rotte eieren lucht. Daarna liepen we door naar de Stram Vents. Dat zijn stoomgaten langs de kraterrand waar stoom uit de grond komt. Daar was ook een mooi uitkijkpunt op de Kilauea caldera (vulkaanbodem). Vervolgens liepen we langs de crater rim trail terug naar de auto. 

Volgende stop was Uēkahuna, de hoogste plek van de kraterrand en daarmee ook een heilige plek voor de traditionele Hawaiianen. Net als op veel andere plekken lagen er bloemenkransen en andere bloemenoffers. Je kon er ook in het diepste punt van de krater kijken. Dat diepste punt ligt nu tientallen meters lager dan in 2018, toen er een grote uitbarsting was en de vulkaanvloer ver inzakte. 

Als laatste stop hadden we de Nāhuku lava tube bedacht, een korte afdaling en wandeling naar een lavatunnel. Dit ontstaat doordat de tunnelwand al afkoelt, terwijl er nog vloeibaar lava doorheen stroomt. Dat vormt als de stroming eenmaal is afgelopen voor een mooie ronde tunnel. Het was leuk om er doorheen te lopen en dit fenomeen te zien. De mannen hadden het in IJsland ook al gezien, maar dit is natuurlijk een tunnel in een heel ander klimaat. 

Aan de andere kant van de parkeerplaats was er een trail met uitzicht op de Kilauea Iki krater, die in 1959 is ontstaan. Een mooi pad met aan de zijkant allemaal bloemen en tropische planten leidde naar een mooi uitzicht. Op de terugweg zagen de mannen dat er ook nog een pad naar de lavavloer ging. Dat was een flinke afdaling (en de weg terug een flinke klim weer naar boven), maar daar hadden ze wel zin in. Lydia bleef bij de auto en na ruim een half uur waren ze weer terug. Het was heel leuk om op de vloer te lopen, op een veilig pad gemarkeerd met traditionele stapels stenen, zoals de oude Hawaiianen ook hun routes markeerden vroeger. Wel een flinke klim terug, dus even uitpuffen en een flinke slok water was op zijn plaats. 

Vervolgens reden we terug naar het hotel, pakten apparatuur en warme kleding in en reden naar een Japans restaurant voor heerlijke sushi en teriyaki. Voldaan begon de tocht weer naar boven, richting de Mauna Kea access road en vervolgens naar boven. Maarten zorgde weer voor zijn setup, het afstellen van zijn tracker en het mikken op zijn object. Dit keer was het Andromeda sterrenstelsel het plan, alleen die zou pas na kwart over negen zichtbaar zijn. Daarom was er eerst nog tijd voor een ander object: de Noord Amerika nevel. Het werd een latertje en rond 11 uur pakten we weer in en reden we zo ongeveer als laatsten weer van de berg naar beneden. Daarna nog drie kwartier terug naar het hotel, snel douchen en naar bed.

Reisdag van Hapuna naar Hilo

Vandaag zouden we eigenlijk naar Maui zijn gevlogen. Maar vanwege de rampzalige bosbranden daar is het een dringend advies voor reizigers om niet naar Maui te gaan als het niet gaan om een essentieel bezoek. We hebben daarom ons plan omgegooid en blijven nog wat langer op Big Island en gaan iets eerder dan weer terug naar O’ahu. Op Big Island gaan we wel naar een andere plek: Hilo aan de westkust. We konden deze ochtend relatief laat uitchecken en hadden dus alle tijd om rustig uit te checken, te ontbijten en de koffers in te pakken. Voordeel is dat we niet hoeven te vliegen en dus dat niet alles helemaal netjes en op gewicht in de koffers hoeft. Tegen twaalf uur checkten we uit en gingen daarna op pad.

Het oosten van het eiland staat bekend om de prachtige groene valleien en watervallen. Omdat we pas tussen drie en vier uur in ons volgende hotel konden inchecken hadden we dus tijd om een tussenstop te maken. We kozen ervoor om naar Akaka Falls te rijden. We reden inderdaad een prachtig groen gebied in en zagen onderweg ook al verschillende andere watervallen. Maar, tja we wisten het al: waar veel groen is, is er ook regen. Onderweg begon het al te regenen en toen we bij de ‘Akaka waterval aankwamen regende het nog een beetje. We besloten om in twee ‘shifts’ naar de waterval te gaan, wat een kleine wandeling van de parkeerplaats was. Omdat we ons hele hebben en houden in de auto hebben zitten, leek het niet zo’n verstandig idee om dat allemaal onbewaakt achter te laten. Het was bijna droog en Gert waagde het erop als eerst wandelaar. Maar hij was nog geen 5 minuten weg en het begon enorm te hozen. Na verloop van tijd kwam hij helemaal doorweekt weer terug bij de auto. Maar gelukkig hadden we alles bij ons, inclusief een handdoek en droge kleren, die hij dus meteen aan kon doen. We bleven nog een poosje wachten totdat er minder regen zou komen en ook Maarten en Lydia een tripje naar de waterval zouden kunnen maken, maar het bleef maar met bakken uit de hemel komen. Deze ‘Akaka waterval blijft dus een speciale vakantieherinnering voor Gert alleen.

Na een half uurtje rijden kwamen we bij ons hotel in Hilo aan en we konden meteen onze kamer in. Aan de kust was het nog wel bewolkt, maar regende het niet meer. Gert en Lydia verkenden het hotel, terwijl Maarten even op bed aan het chillen was. We zaten lekker op het balkonnetje en besloten vanavond hier in het restaurantje van het hotel te eten. Morgen is het plan om naar het Volcanoes National park te gaan. We zijn erg benieuwd.

Mauna Kea

Zondag was het tijd voor ‘de berg’. Mauna Kea is de hoogste berg van Hawai’i met zo’n 4.200 meter. Na het ontbijt gingen we op pad om richting de andere kant van het eiland te rijden. Het was de bedoeling om de in de tweede helft van de middag aan te komen bij de berg, zodat we daar de zonsondergang zouden zien – en daarna de sterren. We reden eerst naar een prachtig uitzichtpunt waar je vanaf grote hoogte de Waipi’o vallei in keek. We maakten een rondje en natuurlijk ook verschillende foto’s.

Daarna hadden we onze zinnen gezet om de berg te verkennen. Eerst naar het visitor center, op 2.800 meter hoogte. We keken hoe het daar uitzag, wat goede plekjes zouden zijn om in de avond sterren te gaan kijken en besloten eerst nog even naar beneden te gaan om wat eten te halen voor de avond. Want op de berg zelf valt weinig (of eigenlijk geen op een muesli reep na) eten en drinken te halen. Vervolgens was het weer de rit omhoog.

De weg naar het visitor center is heel goed te berijden, helemaal geasfalteerd. Daarna was het tijd om om te kleden, want op de top is het een stuk kouder dan beneden. En na zonsondergang is het ook bij het visitor center niet veel meer dan 10 graden. Dus lange broek en lange mouwen aan en een dik vest. Iedereen die bij het visitor center aankomt, moet verplicht 30 minuten acclimatiseren, om hoogteziekte zoveel mogelijk tegen te gaan. Dat deden we en we gingen in de rij om verder de berg omhoog te gaan. Daar kregen we instructies hoe er gereden moest worden (in welke stand de 4×4 naar boven moest en in welke andere stand naar beneden). De weg naar boven was niet geasfalteerd, maar het was gravel van lavastenen. Het was af en toe flink steil omhoog en hobbelig, maar verder een brede weg en goed te doen met onze 4×4. Op de top voelde je heel goed dat de lucht ijler is. Bijzonder was ook dat het hele eiland voor zover wij konden zien bedekt was met wolken en dat wij daar ver boven stonden.

Na een minuut of twintig begon de zon onder te gaan – in dit geval ging hij dus onder in de wolken. Toen de zon weg was, gingen we als een van de eersten weer naar beneden, naar het visitor center, om een goede plek voor Maarten’s astrofotografie setup te vinden. Op een van de picknicktafels leek het een goede plek te zijn, al was het eerst nog lastig om daar rustig geconcentreerd te mikken op de juiste sterren, omdat er allemaal toeristen met zaklampen rondliepen.

Maar uiteindelijk had Maarten de poolster te pakken, kon het tracken en mikken op zijn target beginnen. Het werd echt heel koud, zeker omdat we hier verder tropische temperaturen gewend zijn. Dus met lange mouwen, pijpen en vesten was het nog aardig fris. Om de beurt gingen Gert en Lydia even in de auto opwarmen, terwijl Maarten aan het werk was. Het duurde allemaal wat langer dan verwacht en rond half 11 reden we de berg weer af. Nu afwachten op het resultaat, want fotograferen op deze hoogte is natuurlijk iets nieuws voor hem.

Duiken en snorkelen met manta rays

Op zaterdag ging de wekker op tijd: om zeven uur moesten de mannen echt uit de veren om op tijd te zijn bij hun ochtendafspraak: Blue Wilderness. Dat is de organisatie waarmee ze een tour zouden maken om te gaan duiken.

Ze moesten zich om 7:30 melden bij een haventje op 10 minuten rijden van het hotel. Dus snel eruit en wat eten om daarna om kwart over zeven vertrekken. Ze waren netjes op tijd, vulden wat formulieren in, kregen een wetsuit en gingen aan boord met 8 andere duikers, de kapitein en twee dive-masters die de duiken zouden begeleiden. Een groepje was bezig om hun PADI-certificaat te halen en de mannen zaten daardoor in de groep met ervaren duikers. De eerste duikspot was slechts 15 minuten varen maar daar deden wat langer over omdat we al snel een hele grote groep dolfijnen tegen kwamen. Wel een stuk of 50 dus waar we ook keken zagen we steeds die glimmende lijven naar boven komen. Sommige kwamen ook een stukje vlakbij de boot zwemmen. Erg mooi om te zien.

Even later kwamen ze aan en werd de boot vastgelegd aan een boei (je mag daar vanwege het koraal niet voor anker gaan). Ze deden hun vinnen aan en maskers op en sprongen in het water. Aan de achterkant van de boot werden dan de vesten & flessen aangegeven die ze in het water aantrokken. Toen de groep gereed was daalden we af tot zo’n 20 meter en zwommen ze een uur lang onder water langs koraal, heel veel vissen en af en toe door (korte) tunnels in het koraal (wat zit op uitlopers van lava; lava-fingers genoemd). Onze dive-master zag meer dan wij en tikte af en toe met een metalen buisje op zijn tank om iedereen te laten zien wat hij zag. Zo zagen we een octopus waar we zelf anders langsgezwomen zouden zijn.

Na een uurtje waren de tanks bijna leeg en gingen ze met een tussenstop van 3 minuten terug naar de boot. De echt ervaren duikers doen wat langer met een tank lucht (ademen rustiger). Daar volgde het omgekeerde proces; vest in het water uit doen en aangeven, vinnen uit en aangeven en dan via het trapje de boot weer in. Beetje afdrogen, wat drinken, opwarmen in het zonnetje (na een uur onder water wordt je best wat kouder) en ze aten wat. De mensen van de boot gingen aan de slag om de flessen te vervangen voor de 2e duik en de mannen kletsen wat en keken wat om zich heen. Af en toe zagen ze een schildpad naar boven komen om een hap lucht te nemen. We voeren in 10 minuutjes naar de volgende plek. Een plek met wederom koraal op lava maar ook vlak bij een dieper de zee in lopende zandbank. Van 30 meter naar heel erg diep. Tussen 2 duiken moet je een uur wachten dus alles ging lekker op het gemak. Na het uur weer allemaal vinnen aan, maskers op, het water in, vest met fles aan en afdalen.

Op deze duik kwamen ze weer allerlei mooie vissen (waaronder een stone fish (ziet er chagrijnig uit en heeft giftige stekels op zijn rug – dus afstand houden maar wel mooi om te zien) en ze kwamen langs drie schildpadden die zich lieten schoonmaken door allemaal visjes. Ze noemen het een ‘spa voor schildpadden’. Erg gaaf om te zien. Ze kwamen langs de zandbank waarin allemaal alen leven die hun staart in het zand hebben en de rest recht omhoog steken en met de golven heen en weer bewegen. Erg apart om te zien. Wanneer je te dichtbij komt trekken ze zich helemaal terug in het zand. Na een uurtje was het voor Maarten en Gert wederom gedaan en gingen ze weer rustig naar boven. Op de duikcomputer die aan het vest zit konden ze aflezen op welke hoogte we hoe lang moesten wachten. Ze hingen dus weer gezellig met z’n tweetjes drie minuten een paar meter onder het oppervlak. Daarna was het snel klaar. Spullen uit, afdrogen, terug naar de haven, in de auto om in het hotel even lekker te douchen en uit te rusten.

Om 15:30 vertrokken we weer – nu met z’n drietjes. We zouden in het donker gaan snorkelen met manta rays (reuzenroggen). De plek waar dat kan zit op een uurtje rijden en we wilden ervoor dan daar ergens eten. We vonden de Italiaan waarop we onze zinnen gezet hadden en bestelden allemaal een pizza. Daarna reden we naar de opstapplek bij de haven waar we ons klaarmaakten (niet veel nodig om te snorkelen behalve maskers die we zelf hebben). We kregen de uitleg en gingen om 19:45 aan boord. Na slechts 5 minuten waren waren we op de plek. manta rays zijn ontzettend groot maar eten, net als de walvishaaien die we vorig jaar zagen) alleen plankton. En plankton komt op licht af. De bemanning legde twee vlotten in het water waarop accu’s stonden en waaronder lampen zaten. Wij konden ons vasthouden aan dat vlot terwijl we ook een noodle (zo’n drijf-stok van schuim) kregen om onder onze enkels te leggen zodat we volledig horizontaal aan de oppervlakte dreven. Er mocht niets het water in hangen. Er waarom dat niet mag werd vlug duidelijk.

Al snel zagen we twee hele grote schimmen onder ons door ‘vliegen’. Daarna even niets terwijl het voor onze ogen begon te wemelen van blauw en rood oplichtend plankton. Kleine beestjes, wat grotere wormpjes. Ook dat was al een betoverend schouwspel. En toen kwamen de manta rays: de ene na de andere zwommen met hun bek open naar het licht om daarvan vlak onder een soort salto te maken, een stokje onder het bord door te zwemmen om daarna weer naar beneden te duiken. Op een bepaald moment waren het er vier die dus constant langskwamen, al cirkelend onder water. En zo dichtbij dat ze af en toe ons aanraakten (andersom mag niet). Dit was echt ontzettend mooi en indrukwekkend om te zien. Voor de manta rays een makkelijke manier om op één plek veel plankton te vinden en voor ons een manier om ze van heel dichtbij te bewonderen. Na 45 minuten was het klaar en gingen we weer aan boord, terug naar de haven, in de auto en weer op weg naar het hotel weer we er alle drie vroeg in lagen.

Strand en Puakō Archealogical District

Vandaag was nog een rustig dagje. Na het ontbijt gingen we even rustig naar onze kamer en daarna maakten we ons klaar om naar het strand te gaan. We vonden de laatste drie vrije bedjes en installeerden ons. Het was heerlijk op het strand, maar helaas was er wel een oranje vlag voor de zee, omdat er kwallen waren gesignaleerd, namelijk Portugese Oorlogsschepen. Die zijn niet lekker om tegen te komen. We bleven dus lekker op ons bedje liggen, onder onze parasollen.

Tegen half vijf pakten we onze spullen in en gingen terug naar onze kamer. Na het omkleden pakten we de auto en reden we een stukje verderop naar Mauna Lani. Richting de kust zijn daar hele oude rotstekeningen te vinden. In de lavarotsen zijn ongeveer 3,000 petroglyphen te zien die gekrast zijn in de stenen. De tekeningen zijn rond 800 jaar oud. De betekenis van de tekeningen is onbekend. In het algemeen wordt aangenomen dat ze geboortes en andere belangrijke gebeurtenissen van het Hawaiiaanse volk destijds aangeven. Het lijken mensfiguren en dieren. Maar voordat we die met eigen ogen konden zien, moesten we het wandelpad weten te vinden. Dat was niet heel erg duidelijk aangegeven en we zaten dan ook een keertje verkeerd. Maar uiteindelijk vonden we de uitgebreide horizontale lavastenen en konden ze bewonderen. Op de terugweg ging de zon prachtig onder.

Vervolgens vonden we in de buurt een lekker restaurant, Tommy Bahama’s, waar ze voor ieder wat wils (dus inclusief een pizza margarita voor Maarten) hadden. Bij thuiskomst douchten we ons allemaal en was het inmiddels tijd voor bed.

Pu’uhonua o Hōnaunau en Heavenly Hawaiian Coffee

Nog steeds zijn Maarten en Lydia flink aan het snotteren. Vandaag waren we gelukkig wel fit genoeg om er na het ontbijt en een wasje draaien op uit te gaan. Eerst even langs een supermarkt voor iets tegen het hoesten van Maarten en het inslaan van wat drinken en snackjes. We reden langs de kust naar het zuiden, voor de winkelstop eerst naar Kailua. Tot op dat punt was het landschap vooral vulkanisch met grote zwarte hellingen en vlaktes. Daarna reden we verder door naar het zuiden en werd het tropisch. Prachtig groen, en de ‘monstera’ planten die we zo goed moeten verzorgen voor een paar mooie grote bladeren, groeiden hier weelderig naast de palmbomen en bananenplanten. Maar bij veel groen hoort ook … regen. En die kregen we ook. Onze bestemming lag echter dichter bij de kust en daar was er geen regen. 

We kwamen aan bij Pu’uhonua o Hōnaunau, een historische plek voor de Hawaïaanse bevolking. Het was een oude nederzetting met koninklijke begraafplaatsen. Het is een officieel Amerikaans nationaal park, met dus een goede beschrijving van wat er allemaal te zien is. Het moet prachtig geweest zijn, zo’n dorpje aan het strand. De planten en bomen die er groeiden waren ook heel bijzonder, met vruchten die wij in elk geval nog nooit gezien hadden. 

Vervolgens reden we weer terug de groene heuvels in, met de bijbehorende regen. Het klimaat op dit deel van het eiland heeft een vaste prik: ‘s ochtends komt er warme lucht vanaf de zee tegen de heuvels op en is het zonnig en warm. Die warme lucht botst dan tegen koude lucht die van de andere kant van de heuvels komt en het begint dan elke middag te regenen. 

Die warmte en de regen zijn ook de redenen waarom er hier in dit kleine gebied bijzondere koffieplantages zijn die allemaal ‘Kona koffie’ verbouwen, vernoemd naar dit gebied: Kona. Door dit klimaat en de vulkanische vruchtbare grond doen de koffieplanten het heel goed en is het heel zacht van smaak. Terwijl Maarten een tukje deed in de auto (nog steeds moe en houdt niet van koffie), bezochten Gert en Lydia de ‘Heavenly Hawaiian’ koffieplantage. We kregen daar een your van een uurtje met uitleg over de planten, het oogsten, drogen, branden en alles wat er nog meer bij koffie komt kijken. Inclusief een kleine proeverij van koffie en bonbons met koffiesmaak (en lokale macadamianoten). Het was heel leuk om allemaal te zien hoe het er op zo’n kleine plantage aan toe gaat. 

Op de terugweg vonden we een eenvoudig restaurantje voor het avondeten en waren we klaar om nog drie kwartiertjes in de auto te zitten terug naar onze kamer. Onderweg zagen we als afsluiting van deze dag nog een mooie zonsondergang.

Rustig dagje

Het was een dag vol hoesten en proesten voor Maarten en Lydia. Maarten lijkt het iets meer te pakken te hebben dan Lydia en is af en toe wat koortsig en slaapt veel. De twee snotteraars besloten om vandaag rustig aan te doen op de kamer. Gert ging er ’s middags nog wel even op uit om de omgeving hier wat te verkennen. Hij zag vooral veel lava en ook wat geiten.

’s Avonds bestelden we eten op de kamer wat we heerlijk op het balkon, bij zonsondergang. Daarna was de lucht onbewolkt en kon Maarten nog een mooie fotosessie doen, gewoon vanaf datzelfde balkon. Zie hieronder het resultaat, een prachtige blik op de melkweg.

Middagje zwembad en snorkelen

Vandaag onze eerste dag op onze nieuwe locatie. Helaas voelde Maarten zich niet helemaal fit en besloten we het rustig aan te doen. Op deze plek hebben we inclusief ontbijt, dus het werd een verkenning van het ontbijtrestaurant en de omgeving. De tuinen hier rondom en ook bij de open ontbijtzaal met uitzicht op zee zijn prachtig aangelegd en we genieten van de bloemen en de vogels.

We bleven even chillen op de kamer en daarna was het tijd om naar het zwembad te gaan. We vonden een heerlijk plekje onder de schaduw van een paar hoge palmbomen. Gert en Lydia besloten om ook nog even naar het strand een klein stukje verderop te gaan en even te snorkelen. Er zouden ook hier schildpadden te vinden zijn, die vaak aan de rechterkant van onze baai langs de rotsen zwemmen om naar eten te zoeken. En ja hoor, een paar meter de zee in vonden we al een mooie etende schildpad. Ze eten op z’n kop van de rotsen, dat leek ons toch nog wel een heel gedoe. Helaas was de batterij van de onderwatercamera leeg, dus jullie zullen ons op onze bruine en blauwe ogen moeten geloven.

Na het snorkelen gingen we nog even met z’n drieën het zwembad in. Lekker dobberen in de ‘infinity pool’. We begonnen wat trek te krijgen dus bestelden we een portie nachos om met elkaar op te eten en ook een drankje erbij.

’s Avonds maakten we het onszelf makkelijk wat betreft eten. Gert en Lydia reden naar de dichtstbijzijnde supermarkt en haalden brood met kaas en ham en wat drankjes. Een voorraadje in ons koelkastje op de kamer komt altijd goed van pas. Vandaag op tijd naar bed en hopelijk zijn we morgen allemaal fit voor een nieuw avontuur. Als het meezit gaan we dan een berg op.